Pieter oreert…

voor de sozial freischwebende Intelligenz

politiek




Reiskostenvergoeding belasten is niet fair

D66 is in rap tempo bezig de reputatie van partij van viespeuken over te nemen van de PVV. Deze partij, die zichzelf stapje voor stapje ontmaskert als partij die exclusief opkomt voor de belangen van zelfredzame, hoogopgeleide mensen (maar pretendeert dat ze goed is voor iedereen), blijft als enige van de Kunduz-coalitie geloven dat het heffen van belasting op de nu nog onbelaste reiskostenvergoeding nodig is om de begroting op orde te krijgen.

Een belasting op reiskosten is, zeker in deze economisch zwakke tijden, niet fair. Er zijn veel mensen wiens woon-werkafstand zo klein is dat ze geen of zeer weinig reiskostenvergoeding krijgen. Andere mensen moeten meer kilometers en daardoor meer kosten maken. Die laatste groep krijgt nu extra koopkrachtverlies voor de kiezen, alleen maar omdat de begroting rond moet worden gemaakt. Want laten we wel wezen, de maatregel is op dit moment niet bedoeld om bijvoorbeeld de hoeveelheid woon-werkverkeer te verminderen.

Het zou eerlijker zijn om die 1,3 miljard euro over iedereen te verdelen, door een algemene verhoging van de inkomstenbelasting, als het dan toch per se moet. Dat klinkt niet leuk, maar op die manier draagt iedereen bij aan het terugbrengen van het begrotingstekort en wordt niet een beperkte groep gepakt, die op zich niets verkeerd doet.


Een voorbeeld: Jan, Kees en Piet werken allen fulltime bij hetzelfde bedrijf, doen hetzelfde werk en verdienen hetzelfde salaris (2000 bruto per maand). Jan woont op 5 minuten fietsen van het werk, Kees en Piet wonen 25km verderop en komen met de auto. Jan krijgt op dit moment geen reiskostenvergoeding, Piet krijgt, volgens het wettelijk maximum, 169 euro per maand reiskostenvergoeding. Kees heeft een auto van de zaak, die hij alleen zakelijk gebruikt.

Volgens de voorgestelde maatregel gaat Piet in 2013 75 euro per maand belasting betalen over zijn reiskostenvergoeding. In plaats van 19 cent per kilometer, houdt hij nu nog maar 10 cent over om de kosten van zijn auto te betalen. Hij gaat 900 euro per jaar achteruit in besteedbaar inkomen. Kees gaat er ook op achteruit: hij moet bijtelling gaan betalen over een auto die hij alleen zakelijk gebruikt. Jan echter, die geen reiskostenvergoeding krijgt, gaat er niet op achteruit. Dat het niet fair is om de rekening voor het begrotingstekort alleen bij Piet en Kees (die in alle opzichten gelijk zijn aan Jan) neer te leggen, snappen ze bij D66 blijkbaar niet.

,

Waar zijn de argumenten vóór Europa?

Demonstratie 19 juni 2011 Sevilla, Spanje

Spaanse demonstranten die dagelijks de voordelen van Europa ervaren. (foto: © Pieter Mol)

Een van mijn favoriete columnisten is Marc Chavannes, die voor NRC Handelsblad schrijft. Wat ik waardeer in zijn columns, zijn de nuance en de goed doordachte argumenten, die je nergens anders leest. Tot vandaag, want zojuist las ik zijn wekelijkse column waarin hij een lans breekt voor Europa door op te roepen te stoppen met het eurocynisme. Wat me eraan stoort, is dat de gebruikelijke onderbouwing die ik van hem gewend ben deze keer ontbreekt.

Chavannes schijft onder andere over pro-Europese politici: “Zij moeten de handschoen oppakken, uitleggen hoe Europa echt werkt en met hun groene, socialistische, liberale of christen-democratische visie kiezen op al denkbare terreinen.” Dit is wat mij telkens weer in het verkeerde keelgat schiet: de kiezer begrijpt niets van Europa, de politici moeten hen nu eens echt gaan uitleggen welke voordelen Europa ons biedt.

Probleem is dat al sinds het referendum over de Europese grondwet in 2005 wordt geroepen dat Europa beter uitgelegd moet worden aan de kiezer. Tot op heden heeft echter nog niemand, en dan bedoel ik ook werkelijk niemand, de moeite genomen om Europa te verdedigen met behulp van echt sterke argumenten. Aan vage generalisaties echter geen gebrek: “Europa is goed voor de vrede, onze economie en de concurrentiestrijd met de rest van de wereld.” Maar waarom dat dan zo is, hoe de vork in de steel zit, wordt door niemand echt uitgelegd. Ik, student sociologie en cultuurwetenschappen, die er toch een en ander aan intellectuele lectuur op na slaat, ben tot op de dag van vandaag geen enkel goed doortimmerd verhaal over de voordelen van Europa tegengekomen. In zekere zin beaamt Chavannes dat ook, want anders was zijn oproep volslagen overbodig geweest.

Ik doe een oproep aan Marc Chavannes: schrijf zelf eens een goed beargumenteerd verhaal dat op (populair) wetenschappelijke wijze betoogt wat er zo goed is aan Europa, in plaats van de bal neer te leggen bij politici. Als er iemand is die het op overtuigende wijze moet kunnen, is hij het wel. Maar het feit alleen al dat nog niemand die taak op zich heeft genomen, is voor mij meer dan voldoende bewijs dat goede argumenten gewoon ontbreken. Sterker nog, ik herken in het pro-Europa discours de kenmerken van een isomorfistisch tot stand gekomen gedachtegoed. Anders gezegd: papegaaienpraat van een groep mensen die als een van de weinige voordeel heeft van verdere Europese integratie.

, ,

Next posts